Overspannen of Burnout zijn

Overspannen of burn-out zijnStress:

Stress is spanning, meestal door een bepaalde aanleiding. Het energieniveau is hoger dan normaal, wat zich onder andere uit in actiever gedrag. Stress is gezond, zolang de eisen die worden gesteld of die iemand zichzelf stelt niet hoger zijn dan wat hij aankan. Kortom gezond als er voldoende controle of regelruimte is over de spanning.  

Kortdurende (paar minuten tot enkele dagen) stress kan als normaal gezien worden. U moet een deadline halen, een contact met een collega loopt even niet lekker of u slaapt een nacht niet goed. 

Langdurige stress kan tot verschillenden klachten leiden op lichamelijk en psychisch gebied. Dit zijn zogenaamde stressklachten.

Overspanning:

Wanneer iemand langdurig onder hoge druk staat en het stressniveau verhoogd blijft, dan kan er een verlies aan overzicht en orde ontstaan. De aanpassing aan de stress lukt niet goed meer, men verliest controle wat te merken is aan minder goed functioneren in sociale contacten en het werk. De persoon wordt blijvend onrustig, heeft meerdere stressklachten en moet bijna altijd de werkrol laten vallen.... men raakt overspannen.

Wanneer stress overgaat op overspanning is moeilijk aan te geven. De overgang is verbonden aan het beperkt functioneren. De periode tussen aanvang van de herkenbare stress-veroorzakende situatie en de ontstane functioneringsproblemen is relatief kort (tot ongeveer 12 weken).

Burnout

Bij burnout voelen het lichaam en de geest opgebrand. Men kan niet meer, de lamp gaat uit. 

Kenmerken zijn:

  • Een leeg gevoel, dat op depressie lijkt, maar past bij de uitputting 
  • Afgenomen betrokkenheid bij het werk en collega's
  • Sterke afstandelijkheid en cynisme.
  • Een laag zelfbeeld, vaak door het gevoel niet meer te kunnen functioneren.

Bij burnout is het energieniveau ernstig aangetast en verlaagd. Dit komt door soms jarenlange opgebouwde spanningen, die meestal niet meer concreet aanwijsbaar zijn. Wanneer de oorzaak van het opgebrande gevoel weggenomen wordt dan is men niet zomaar hersteld. Het kan maanden tot meer dan een jaar duren voordat iemand weer een evenwicht gevonden heeft.

Kijk voor meer informatie en verschillende testen rondom burnout op de site van www.burnin.nl 

Verschillen tussen burnout en overspanning1:

Het verschil tussen beide aandoeningen zit hem niet primair in het klachtenbeeld maar in:

De periode waarin stressoren en het controle verlies leiden tot het klachtenbeeld. Dit is bij overspanning minder dan 12 weken en bij burnout gevolg van langdurige roofbouw op lichaam en geest. 

De periode die nodig is voor het herstel. Bij overspanning vind herstel binnen enkele weken tot maanden plaats, burnout heeft een chronisch karakter, waarbij herstel een jaar of langer kan duren. 

LET OP: op basis van deze informatie kunnen geen medische conclusies getrokken worden. Diagnostiek vind plaats bij de huisarts of daarvoor opgeleid psychosociaal specialist.

Risicofactoren burnout:

Freudenberger2 heeft reeds in 1991 een aantal persoonskenmerken beschreven, waarbij er een verhoogd risico op burnout bestaat:    

  • Een geneigdheid tot:
    • Perfectionisme
    • Harder te werken bij tegenslagen
    • Meer te doen dan kan
    • Plichtsgetrouwheid
    • Toegewijd idealisme
    • Ambiteus zijn
    • Behoefte zichzelf te bewijzen
  • Moeite met:
    • ‘nee’ zeggen
    • De eigen grenzen kennen en bewaken
    • Delegeren
    • Doelgerichtheid

Wanneer u uzelf herkent in meerdere risicofactoren, dan betekent dit niet dat u burnout gaat krijgen. Wel kan het goed zijn alert te zijn op aanwezigheid van stressklachten en burnout-kenmerken. Neem de aanwezigheid ervan serieus en onderneem op tijd actie. Regelmatig krijg ik van clienten met burnout terug dat zij, achteraf gezien, al te lang aanwezige signalen genegeerd hebben.

De Balans hervinden3,4:

Als iemand geestelijk en lichamelijk instort en het niet meer kan op brengen zijn werkzaamheden uit te voeren, dan is allereerst rust nodig om te herstellen. In deze periode van rust en bezinning, mag er inzicht ontstaan in wat er gebeurd is en de acceptatie van de overspanning of burnout. Dit geldt niet alleen voor de persoon zelf, maar ook voor diens omgeving, die zich aan de situatie moet aanpassen.

Nadat de acute fase afloopt is het goed dat er georiënteerd wordt op de problemen en oplossingen. Waardoor kon dit ontstaan en wat moet er veranderen om te voorkomen dat het nogmaals voorkomt. Welke factoren in de werk en of privé sfeer hebben teveel energie gekost of leverden te weinig energie op. Ook kan hierin gekeken worden naar de persoonskenmerken die meegespeeld hebben. In deze fase is er ruimte voor gedoseerde rust en ontspanning, afgewisseld met concrete dagelijkse activiteiten en lichaamsbewegen.

Uiteindelijk als er weer toenemend energie ontstaat is het goed de gevonden oplossingen toe te gaan passen in de praktijk situaties en stapsgewijs het werk en de sociale rollen weer op te pakken.

Psychosomatische fysiotherapie:

Een overspanning of burnout is een disbalans tussen draagkracht en draaglast en tussen energie gevers en nemers. Hierdoor zijn de reserves opgebruikt. Naast rust en bezinning moet blijvend gewerkt worden aan een betere balans.

Psychosomatische fysiotherapie kan hierbij helpen door de behandeling van lichamelijke klachten, het aanleren of verbeteren van ontspanning, het stapsgewijs opbouwen van activiteiten (graded activity), het bij uzelf komen en beter luisteren naar lichaamssignalen en het handelen hiernaar. Met een stuk stressmanagement kan een oplossingsgerichte omgang met stressoren versterkt worden. Bij complexere problematiek, zoals vaak bij burnout het geval is, gebeurt dit meestal in samenwerking met andere specialisten.

Kortom, met behulp van psychosomatische fysiotherapie kan gewerkt worden aan het herstellen en verbeteren van de balans.

Bronnen:

  1. www.burnin.nl
  2. Door Freudenberger, H.J.: Burnout een maatschappelijk verschijnsel. In: Ploeg, H.M. van der & Vis J., Burnout en werkstress, 3e druk. Amsterdam: Swets & Zeitlinger.
  3. Behandelstrategieen bij burnout, Hoogduin C.A.L., Schufeli W.B., Schaap C.P.D.R., Bakker A.B. Bohn stafleu Van Loghum, Houten/Diegem 2001